19 november 2009

Een vis in de nacht

Toen ik eergisteravond in het donker nog even een keukenemmertje leeggooide in de gft-bak zag ik daar iets lichts. Een stukje fel gekleurd plastic of papier? Het leek me niet thuis te horen tussen het bio-afval. Het leek zelfs te reflecteren, erger, het gaf licht! Wat kan er licht geven in een biobak? Ik had geen idee, morgen bij daglicht maar even kijken.

De volgende dag zag ik tussen de knoedels in krantenpapier gedraaide schillen en theebladeren nog wat keurig keukenafval liggen, waaronder een korstje van de boerenkaas. Boerenkaas! Als ik op het ogenblik de koelkast open doe vult de keuken zich met een wolk bedwelmende uitlaatgassen van miljoenen boerenkaasbacterien, zou het gek zijn als zulke kaas over bioluminescerende eigenschappen beschikt?

   

Maar toen ik gisteravond naar bed wilde gaan herinnerde ik me ineens de haring. Ik had een zoute haring gegeten en het staartje was bij het afval beland. Een lichtgevend staartje? Ha! Ik kon dat controleren want er was nog een haring over, er waren namelijk twee haringen aangeschaft maar P had na een optreden met zijn muziekgroep buitenshuis gegeten. Twee haringen bij één maaltijd, dat is teveel voor mij dus ik had de andere vis in een plastic zakje gedaan met de bedoeling hem de volgende dag bij het brood te eten. Die volgende dag echter verleidde de boerenkaas mij natuurlijk weer met zijn geur en de versmade haring zou nu, weer een dag later, wel over datum zijn.

Nou moest ik het weten.

Ik ging de trap af en naar de keuken zonder een licht aan te doen, greep snel in de koelkast naar het zakje en sloot de deur. In het donker was het duidelijk te zien: ik had in mijn hand een lichtgevende vis. Het hele zakje gaf trouwens licht.

Dat moest maar niet terug in de koelkast.

Buiten scheurde ik het zakje open en liet ik de haring in de bak duiken, daar lag hij in de diepte zoveel licht te verspreiden dat ik ondanks de duisternis van een zwaar bewolkte nacht flauw de krantenproppen en schillen er omheen kon zien.

Het lichtgevende zakje ging in de andere bak. Mijn vingertoppen gaven ook licht.

   

Bij de tuindeur zag ik Hans voor het raam zitten, blijkbaar was hij in zijn warme nest gewekt door een geurflard van de vis. Misschien dacht hij ook wel aan de afgeknaagde erwtensoepkluif die hij nog ergens achter het huis wist te liggen.

Hij probeerde zich langs mij heen naar buiten te wurmen maar ik wurmde nog net iets massiever terug.

Ach Hans, een nacht als deze is goed voor lichtende vissen en duistere kluiven, slaperige wezens als jij en ik horen nu in een warm bed.

Hans bleef ostentatief met peinzende blik voor het raam zitten maar ik weet zeker dat, eer ik boven met één teen mijn bed raakte, hij alweer strak neus-in-staart op de bank lag, dromend van goede dingen.

En de vis ligt nog tot dinsdag stil te schijnen in de bak.

   

Update 17.45

Kijk, hier heb je hem

       

             Oude_haring

13 november 2009

Schaatsen

Zoals u kon lezen was E eergisteren over uit Utrecht. We hadden geluk dat ze een gaatje in de agenda had, ze heeft het namelijk altijd druk met al haar culturele en sociale bezigheden. Zelfs als ze geen cent meer heeft om kaartjes voor concerten te betalen dan wint ze gewoon ergens een kaartje en toen ze na de tentamenperiode hoognodig weer eens een weekje naar Londen moest en daar eigenlijk geen geld voor had wist een vriend het toch te regelen voor 50 euro. Daarna begon het lieve collegeleven weer maar er was zomaar een collegevrije dag, dus E besloot om in Groningen naar de film te gaan en dan en passant even met mij te gaan schaatsen.

 

Om half tien stond ze hier al voor de deur, ik had nog niet eens ontbeten.

E had haar getailleerde jas aan van met dubbele draad geweven wol. Niet echt geschikt voor een regenachtige dag maar wel mooi. Daar onderuit piepte eigenwijs het oudroze rokje en daaronder staken twee bevallige meisjesbenen in grijze legging, het geheel werd afgemaakt met een stel heel fraai belijnde schoentjes die een vermogen moeten hebben gekost. Als ik zo met E de stad in ga dan stoppen alle bussen als we moeten oversteken, de stoplichten springen spontaan op groen, iedereen is aardig en de glazen worden net iets voller geschonken.

Maar op de 400-meterbaan wil je er liever niet mee gezien worden.

Heb je geen broek bij je?

Oeps, vergeten.

Schaatsen had ze ook niet mee, ze heeft nog wel een oud paar maar dat ligt al een jaar in het ouderlijk huis van haar vriendje in Hollandscheveld. Er werden dus combinoren gehuurd en daar gingen we.

Ik concentreerde me op mijn afzet. Naar opzij, en liefst onhoorbaar zegt de juf. Naast mij kraste en schraapte E heel ondeskundig dat het een lieve lust was, met korte driftige slagen. En ondertussen kletste ze zorgeloos voor zich heen. Babbelbabbel kwebbelkwebbel.

Diep zitten, dacht ik. Blik naar het einde van de bocht. E kraste mij in de buitenbocht voorbij, ik besloot even mijn doordachte lange slag te vergeten en iets meer te geven. Één hand op de rug, twee durf ik nog niet. E fladderde lekker met beide armen om zich heen, luid kletsend over de opleiding, de lieve nieuwe docente, en over Londen.

Oh, weet je? Er is zo’n arrogante jongen op de opleiding en die wist dus betweterig te vertellen dat ik in Londen naar Brick Lane had moeten gaan, daar is zo’n interessante artistieke buurt waar van alles te beleven is. Hihi! En toen zei ik : Ja daar was ik dus, ik ben in de old Truman Brewery geweest (die kende hij niet eens!) bij een galerie.

Kraskraskras.

…en ik ga daar eind van de maand weer heen want ik heb geregeld dat ik de eindejaarsexpositie mee mag helpen organiseren. Hahaha! Zo grappig. Maar hij was wel echt blij voor me hoor.

Schraapschraapschraap

Gaat wel lekker. Zal ik volgende week weer komen schaatsen? Dan ben ik toch weer in Groningen voor de slotfilm van Ciné premières.

Ik voelde mijn enkel. De nieuwe noren zijn nog wat stijf en ze drukken gemeen in mijn vlees. "Zullen we stoppen?"

Als jij last hebt van je voeten stoppen we hoor.

Volgende week dus weer. Daarna zit ze in Londen, kan ik even ongestoord oefenen.

Ik raak soms zo buiten adem van dat kind!

12 november 2009

Sorrysorrysorry

Bij mij helemaal géén foto's van kinderen met lampionnetjes. Terwijl die er wel degelijk waren hoor, heel schattige kindertjes nog wel want we hebben een lieve buurt, maar ik heb ze niet gezien. Dat kwam door de enorme amazing supertoko aan de andere kant van de stad Groningen die ik gisteren toevallig passeerde en dus eindelijk ook maar eens binnenliep. Tjonge, wat kun je graaierig worden in zo'n winkel. Pas toen het gerommel van mijn maag hoorbaar werd voor andere klanten besloot ik met mijn totaal onsamenhangende berg impulsaankopen naar de kassa te gaan.

Thuis duurde het nog even voor ik erachter was wat ik eigenlijk allemaal gekocht had want er waren pakjes bij met niets anders dan Maleis of Chinees opschrift, andere pakjes en zakjes waren voorzien van stickers met minuscule lettertjes die alleen met bril én loupe én een sterke leeslamp te ontcijferen waren. Kortom, toen de kindertjes begonnen te lopen was ik nog druk bezig met nadenken hoe ik een logische maaltijd in elkaar kon draaien van al die mogelijke ingrediënten en daar had ik echt al mijn aandacht bij nodig.

Gelukkig was E stand-by. Ze smolt al helemaal toen het eerste piepkleine jongetje zichzelf aankondigde met "ik ga Sint Maarten zingen!" Geen foto van. Vervolgens kwam de buurvrouw die voor de zekerheid ook maar een onbekend meisje mee had genomen dat wél durfde te zingen want de buurpeuter haalde zijn vingers niet uit zijn mond en keek alleen zwijgend naar de snoepmand. Geen foto. De boefjes uit de buurt hadden zich zonder moeders verenigd in een lawaaiïge groep maar ze zongen keurig, waarschijnlijk waren ze plezierig verrast doordat E naar de deur kwam. ("Het is die dochter!!!") Geen foto verdorie. Het zijn leuke jongetjes hoor.

Jammer dus. Maar we hebben lekker gegeten.

11 november 2009

Geronseld

Iedereen is nu wel zo’n beetje over de schrik heen neem ik aan, dan kunnen we ons nu opmaken voor de volgende schok. Wat is een nog onmogelijker combinatie dan aargh en sport?

Aargh en bestuur zou ik zeggen. Je moet er toch niet aan denken, ik in een bestuur. En toch ben ik er verleden week op de een of andere manier in terecht gekomen. In tegenstelling tot de andere kandidaten heb ik geen enkele ervaring op dat gebied, alleen een beetje vakinhoudelijke kennis en het hart op de goede plaats. Het geroezemoes dat na deze opmerking van mij door de zaal golfde heb ik maar als aanmoediging opgevat en nu zitten ze met mij.

Ik ben meteen de volgende dag de stad ingegaan voor een paar belangrijke aankopen: een kalender van 2010 en een paar lage lawaailaarsjes.

10 november 2009

zie ik het nou goed

of ben ik

heel geleidelijk

een beetje

aan het vervagen........

Bent u er nog?

Hallo, ik zit hier

Maar ik weet niet voor hoe lang

3 november 2009

Coming out

Vaste bezoekers van dit log zullen weten dat, als er al eens over sport gesproken wordt, dat hier doorgaans met enig dédain gebeurt. Sport wordt gepresenteerd als een uitwas van een decadente tijd waarin men eerst de meeste alledaagse en nuttige lichamelijke inspanning uit het leven verwijdert  waarna men zich voor veel geld in kinderachtige pakjes gehuld, liefst in groepsverband overgeeft aan nutteloze sportsessies die de beoefenaar maar al te vaak lelijke blessures, en diens werkgever en de maatschappij handen vol extra kosten bezorgen. En dan is er nog de ergernis, denk aan die schreeuwende mannen op fietsjes  in bos en park.

   

Natuurlijk heeft u zo uw eigen gedachten bij het lezen van zulke stukjes.

Ach ja, als je geen betaalde baan hebt dan moet je wat, desnoods huishoudsport.

En voor het lidmaatschap van een sportvereniging dient men toch minstens over enige sociale vaardigheden beschikken.

En ja, die sportkleding en de benodigde  accessoires  kosten een paar centen, als je dat niet kunt betalen behelp je je met een stadsfiets met boodschappentassen, of met een schep en een kruiwagentje mest.

 

Met dat beeld had ik geen moeite, integendeel, ik wentelde mij erin en ik voelde mij er prima bij. Ik houd lekker niet van sport, iedereen is gek maar Midas is met mij.

 

Ai. Dat was me dus even een ongemakkelijke schrikervaring die ik mijzelf bezorgde. Als je drie keer per week anderhalf uur op de 400-meterbaan staat, hoe noem je dat? Als je met huurschaatsen geen genoegen meer wil nemen en kwijlend langs de Vikinguitstalling van de sportwinkel schuifelt, als je je eerste blessure te pakken hebt en desondanks doorbijt, dan lijkt dat op sport. Maar de echte eyeopener dat waren die tassen. Op de bergkamer lagen nog de kindervakantietasjes van vroeger. Felgekleurde nylon tassen met bovenop een praktische rits die precies de lengte heeft van een schaatsijzer. Een voor P, een voor mij. Toen wij gisteravond uit de auto stapten met elk zo’n tas (waarin een gloednieuw paar eigen noren en een degelijke oude lap) om de schouder, realiseerde ik mij met enige gêne:

Heel de buurt kan het nu zien, wij doen aan sport.

28 oktober 2009

Onrust

Dacht ik eindelijk een beetje rust te krijgen nu de kleine jongetjes weer naar school zijn, vliegen er ineens de hele dag gaaien snoeihard achter elkaar aan door mijn ecozone.

27 oktober 2009

Huis- tuin- en keukenonderzoek: Appelstroop

Hoe zit ‘t nu met die appelstroop?

Sinds het cerealoproer staat die goeie ouwe appelstroop weer eens in de belangstelling. Daar zit namelijk ijzer in zo weten wij allen. Maar waardoor en hoeveel eigenlijk? Uw kritische huishoudster gaat voor u op onderzoek uit.

   

Appels bevatten bijna geen ijzer en de gietijzeren kookpotten zijn lang geleden afgeschaft, dus dan moet het ijzer uit de toegevoegde bietenstroop komen. Zit daar ijzer in dan? Ik duik in mijn keukenkastje maar op de pot keukenstroop staat niets over ijzer. De voedingswaardetabel bevestigt dit, in bietenstroop zit geen ijzer.

???

Blijkbaar haalt men alle ijzer uit het beetwortelsap als dat niet voor de appelstroop bestemd is maar voor keukenstroop. Misschien smaakt keukenstroop met ijzer vies, zou kunnen. Hoe dan ook, de deskundige zegt het, het staat in de krant dus we geloven het: er zit ijzer in appelstroop ook al bevatten appels nauwelijks ijzer,  dat komt namelijk uit de suikerbiet ook al zit er in potjes bietenstroop géén ijzer.

    

Eet nou maar gewoon volkorenbrood met appelstroop (en een glas sinaasappelsap), zegt de dokter. Er zit wel 20 mg ijzer in 100 g appelstroop zag ik op zo'n filmpje. Je leest het in de krant, overal hoor je dat getal.

Ik duik maar weer eens in mijn keukenkastje en wat lees ik op de appelstrooppot? 9,7 mg ijzer / 100g.

???

Goedkope appelstroop zeker, ik controleer even bij de supermarkt maar daar staan potten die zelfs maar 6 of 7 mg ijzer per honderd gram stroop bevatten. Alleen een product dat niet eens appelstroop heet, de fruitstroop van Hero bevat meer: 17,5 mg / 100 g. Ik heb speciaal voor mijn onderzoek een potje gekocht en inderdaad, de fruitstroop smaakt ijzerig, maar niet onaangenaam, het is een fris stroopje. Daar zal dan toch wel ijzer aan toegevoegd worden neem ik aan, maar het is nog steeds geen 20 mg.

Iedereen praat elkaar kennelijk na, waar heeft men dat getal dan toch vandaan?

(En nog verbazender, lezen die mensen nooit potjes?)

Googlegoogle. Kijk, dit is de bron:

Foei wiki! Waarom vertel je ons onzin? Mensen, geloof niet alles wat wikipedia zegt.

De voedingswaardetabel zit dichter bij wat de producenten zelf opgeven: 14 mg / 100 g

Maar het maakt dus veel uit welk merk je koopt.

     

Nu even het goede nieuws. Hoeveel boterhammen met Hero fruitstroop moet men eten om aan de dagelijkse ijzerbehoefte te voldoen? (Als vrouw heb ik ongeveer 15 mg per dag nodig, mannen behoeven maar 11 mg)

Ik ga naar de keuken en snijd een degelijke zelfgebakken volkorenboterham af (2 mg ijzer / 100 g volgens de tabel).

Volkorenbrood

 

Ziehier, een boterham van 72 gram, die bevat dus 1,44 mg ijzer.

   

Appelstroop

   

En ziehier de boterham met een dun laagje margarine en (weegschaal is eerst weer op 0 gesteld) 30 gram fruitstroop, dat levert 5,25 mg ijzer op.

Opgeteld 6,69 mg ijzer.

En dat wil dus zeggen dat ik met twee van die boterhammen bijna mijn dagelijkse ijzerbehoefte dek, als ik stop met menstrueren heb ik aan één iets grotere boterham zelfs genoeg.

Verbazend. Ik had heel wat anders verwacht.

25 oktober 2009

Inburgeren

Sommige dingen krijg je mee van de grond waarop je geboren bent, sommige dingen dus niet. Noorderlingen hebben geen verstand van vlaaien en Limburgers kunnen niet schaatsten. Ik had daar geen notie van toen ik in mijn tienerjaren - als het ooit eens een weekje onafgebroken wilde vriezen - op van die malle witte kunstschaatsjes rondjes draaide op het opgespoten baantje bij de kerk. Achteruit schaatsen kon ik ook, ik vond mezelf heel wat.

Toen ik als jong volwassene in Groningen arriveerde bleek het bij schaatsen te gaan om het met grote snelheid afleggen van enorme afstanden, dwars door het desolate Groningse winterlandschap. De enige kunstjes die daarbij kwamen kijken waren schrapend remmen bij een onverwacht obstakel en soepel door de knieën gaan bij een lage brug. Ik heb beide kunstjes nooit goed geleerd op de veel te goedkope V&D -noren die we kochten, ik kreeg er afgeknelde voeten in en half bevroren tenen en de rechterschaats wilde steevast de berm (walkant) in.

 

In de achttien Hoogeveense jaren hebben we één keer een echte schaatswinter gehad, op de Hoogeveense vaart lag toen een prachtige ongebroken en spiegelgladde ijsvloer maar er waaide ook een bijtende oostenwind. Met het hele gezin, P en ik op die oude noren en de kindertjes op degelijke houtjes, hebben we ons van de uiterste oostpunt van Hoogeveen naar de sluis helemaal in het westen laten waaien, P is daarna dapper tegen de wind in teruggeschaatst om de auto op te halen, dat heeft hem nog een dag migraine opgeleverd.

De laatste winter kregen we als afscheid nogmaals een mooie ijsperiode maar die viel precies tijdens onze verhuisbezigheden en die rottige noren hadden we bij een van de zolderopruimingen al weggegooid.

 

In Groningen Maken we een nieuwe start, we gaan op schaatsles! Namen we ons voor.

Ja maar denk erom, níét bij de beginners hoor, waarschuwde M, daar zitten alleen giechelende buitenlandse studenten die nog nooit ijs gezien hebben. M kan het weten,die kent zulke studenten.

Ik gaf ons dus op voor een cursus voor lichtgevorderden maar wel met een beetje angst in het hart. Komende week begint die. Om helemaal gerust te zijn togen wij vandaag naar de ijsbaan voor een proefrondje op gehuurde schaatsen. Combinoren. Ze zien er een beetje amateuristisch uit, net Aldi-rolschaatsen maar dan met mes en zonder wieltjes.

   

Het begon wiebelig maar wat wil je na zoveel jaren, en na het eerste rondje bleek het best te gaan en de combinoren vielen reuze mee. Na nog een paar rondjes voelde het ijs al zo vertrouwd dat ik in de bocht een poging deed tot beentje-over……

Beentje overmoedig.

Met een algeheel gevoel van beursheid en vooral ook van gêne stond ik snel op en schaatste weer verder. Als ik het duivenei had gezien dat op dat moment op mijn elleboog ontstond was ik misschien wat eerder gestopt maar ik heb nog een uur doorgeschaatst. Ging best lekker.

Thuis ontdekte ik dat spreekwoordelijke ei, én de enorme blauwe plek op mijn heup (en  nog een kleintje als bonus op mijn pols). Maar: niets gebroken! De botten zijn nog goed en dat stemt tevreden.

Het was nu de beurt aan P om een elastisch verbandje om mijn ei draaien, om te voorkomen dat het tot de grootte van een eendenei zou opzwellen. Die heup redt zichzelf wel.

Wat drijft ons? Ach denk maar zo: Wij zijn ons als het ware aan het afharden, alles wat je overleeft sterkt je en we nemen er nog een.

Heiho heiho, morgen naar les.

22 oktober 2009

Buitensport (of operatie GVR)

Alles en iedereen werkt me weer tegen. Nu had het frisse plan opgevat om een dagje te gaan schaatsen zodat ik ook eens een vlot en modern onderwerp bij de kop had en ik u niet weer hoefde te vervelen met die eeuwige tuin, kwam er toch weer een mailtje van de kweker dat de bestelde rozen in aantocht waren.

Gisteren werden ze bezorgd.

Rozen prop je niet zomaar even haastig in de grond, zeker deze heel zorgvuldig uitgezochte geurende schoonheden niet. Ik had natuurlijk al het een en ander aan voorbereidend werk gedaan zoals: geschikte zonnige plekjes zoeken, ruimte vrijmaken, coniferenwortels uit de grond zagen, spitten en uitvorken enz, maar ik was nog lang niet klaar want ik verwachtte de dames Roos pas in november.

Rozen wortelen diep en mijn tuin is laag en nat, een opgehoogd perk zou geen luxe zijn. De grond moet liefst ook een beetje lekker rijk en rozig zijn en dat was hij naar mijn idee nog lang niet.

Nu had ik toevallig wel net de auto tot mijn beschikking omdat P weg was met de trein, dus ik porde mijzelf tot actie. Hup! Als de gesmeerde bliksem aan het werk jij.

Zo begon dan de logistieke operatie ‘Grond Voor Rozen’ * .

  • Vracht laden bij het tuincentrum: heel veel zakken tuinaarde en ook nog maar wat zakken speciale rozengrond-met-keurmerk. In de Berlingo (als we dat ding toch niet hadden!)
  • Vervoer naar het tuinencomplex
  • Vracht lossen op de parkeerplaats
  • Porties van maximaal honderdvijfentwintig liter per keer overladen op het handkarretje
  • Ettelijke kilometers heen en weer (en heen en weer enz.) draven om het spul bij de tuin te krijgen.

Toen werd het donker en ik kreeg honger en ik weet uit ervaring dat je tijdig moet stoppen met zulke klussen. De rozen zijn daarom maar even haastig in de grond gepropt ingekuild. Wat ik vandaag doe snapt u al.

   

*Ja natuurlijk, een vrachtwagen was handiger geweest maar dat kan daar dus niet.